Vier kijkrichtingen

Waarom moeten wij nú nadenken over de toekomst van de Deltawateren? De Deltawerken zijn toch klaar? De Delta is toch veilig?
Nee, het Deltagebied is toe aan een Deltaplan-plus. Deze keer niet als reactie op een ramp, zoals 50 jaar geleden. Het Deltaplan-plus moet een antwoord geven op een aantal ontwikkelingen dat op dit gebied afkomt en waar we niet omheen kunnen. We moeten proberen een zodanig antwoord op die ontwikkelingen te vinden, dat we niet alleen de veiligheid van het Deltagebied en zijn omgeving kunnen waarborgen, maar tegelijkertijd bedreigingen die van die ontwikkelingen uitgaan, ombouwen tot kansen. Kansen voor een duurzame Delta. De visie geeft de richting aan waarin we denken te moeten zoeken. Let wel: de richting en niet het definitieve antwoord. Daarvoor moeten we nog veel uitzoeken, want zoals tijdens de voorbereiding van de visie wel is gebleken: we weten al heel veel, maar ook heel veel niet. De vaststelling van de visie is dan ook enerzijds de afronding van een proces waarin met veel geledingen van de maatschappij is gediscussieerd over de toekomst van de Deltawateren, maar anderzijds vooral het begin van een nieuw proces, dat we beter kunnen omschrijven als een zoektocht in de richting, die in de visie wordt aangegeven.

Welke ontwikkelingen dwingen ons na te denken over de toekomst van de Deltawateren? In de loop van de voorbereiding van de visie is een viertal ontwikkelingen onderscheiden. Deze ontwikkelingen hebben vooral te maken met de relatie van het Deltagebied met zijn omgeving. Afhankelijk van de blik, waarmee je naar het Deltagebied kijkt, gaat het daarbij steeds weer om een ander deel van die omgeving.

 

Dela wateren

Noormannen

In de eerste plaats hebben we de blik van de Noormannen die ooit over de Noordzee onze verdedigde kusten bedreigden. Deze blik staat symbool voor het feit dat een belangrijk deel van de omgeving van het Deltagebied bestaat uit de Noordzee. Voorspeld wordt dat door de klimaatsverandering de zeespiegel zal stijgen en de golven onstuimiger zullen worden. Onduidelijk is nog hoe die stijging zal uitpakken. Daarover zijn de voorspellingen niet eenduidig. Niettemin zullen we na moeten denken over de vraag hoe we met de zeespiegel-stijging om willen gaan. Vooralsnog zijn we veilig achter onze duinen en dijken op deltahoogte. Het is echter de vraag of dit op de langere termijn zo blijft en zo niet, wat we dan moeten doen. En wat we nu moeten doen en laten om er voor te zorgen dat de maatregelen die we eventueel op langere termijn moeten nemen niet onmogelijk worden (geen-spijt beleid).

Het meest pregnant zal de zeespiegelstijging zich doen voelen achter in de Westerschelde. Door de trechtervorm wordt het water daar opgestuwd. Dit wordt versterkt door de zeespiegelstijging en door de verdieping van de Wester-schelde. Antwerpen wordt niet alleen voor de scheepvaart toegankelijker… Deze bedreiging van Antwerpen dwingt vooral Vlaanderen na te denken over maatregelen. Dit gebeurt in het kader van de Lange Termijnvisie Schelde

Batavieren

Een andere blik is die van de Batavieren, symbool voor het feit dat het Deltagebied onderdeel uitmaakt van de stroomgebieden van drie rivieren: de Rijn, de Maas en de Schelde. Door de klimaatsveranderingen zullen de rivierafvoeren grilliger worden. Steeds hogere afvoeren zullen afgewisseld worden door steeds lagere. Landelijk wordt nagedacht hoe hiermee om te gaan (PKB (planologische kern beslissing) Ruimte voor de rivier, de Droogtestudie).

Als extreem hoge rivierafvoeren samengaan met de sluiting van de Maeslantkering en de Hartelkering (voorspeld wordt dat die ten gevolge van de zeespiegelstijging vaker gesloten moeten worden) komt de veiligheid van de steden in het Rijnmondgebied en de Drechtsteden in gevaar. Een oplossing daarvoor, die steeds meer in beeld komt, is berging van het rivierwater in de Deltawateren. Deze ontwikkeling dwingt ons na te denken over de vraag onder welke voorwaarden tijdelijke berging van het rivierwater in de Deltawateren acceptabel is en ook welke kansen hier liggen voor de Deltawateren. De Droogtestudie behelst de landelijke verdeling van het zoete water bij extreem lage rivierafvoeren. We zullen als zuidwestelijk Deltagebied duidelijk in beeld moeten hebben hoeveel zoet water wij nodig hebben en wat de consequenties zullen zijn als de zoetwateraanvoer minder is.

Galliërs

De laatste blik, waarmee naar het Deltagebied gekeken kan worden, is de blik van de Galliërs. Naar analogie van de beginzinnen van de albums van Asterix en Obelix kan met één blik op de kaart gezegd worden: “Heel Noordwest Europa is dichtbevolkt”. Heel Noordwest-Europa? Het Deltagebied
is een open en dunbevolkt gebied omgeven door een steeds verder uitdijende Metropool. Dat heeft gevolgen voor het Deltagebied: toenemende
mobiliteit op de weg en het water. Zo wordt voorspeld dat bij ongewijzigd beleid over 10 jaar filevorming zal optreden in het Schelde-Rijnkanaal.
Tegelijkertijd is het Deltagebied nodig voor al die mensen in de Metropool die de stad even willen ontvluchten en willen uitwaaien in de rust en de blauw-groene ruimte. Wil het Deltagebied die functie kunnen blijven vervullen, dan is het nodig dat die kernkwaliteiten in stand blijven of zelfs
versterkt worden. De uitdijende Metropool en de effecten daarvan op het Deltagebied dwingen ons na te denken over hoe wij dat voor elkaar kunnen krijgen.